19-03-10
Antwoorden op mijn schriftelijke vragen van 22.02.2010
Gelieve hierbij de antwoorden (in het rood gemarkeerd) van het College van Burgemeester en Schepenen op mijn schriftelijke vragen van 22 februari 2010 te willen vinden. In het blauw staan mijn bemerkingen.
Schriftelijke vragen (art. 32 van het Gemeentedecreet)
Motivering.
De gebeurtenissen op de oudejaarsfuif van de Waarschootse KLJ leverden flink wat stof voor discussie betreffende de aanpak van het verwerpelijke fenomeen “fuifhooliganisme”. Die avond raakten 15 fuifgangers gewond en moest er versterking uit 4 politiezones oproepen worden om de gemoederen te bedaren. Als gevolg van dit alles werd een evaluatievergadering belegd met de verschillende actoren: het gemeentebestuur, de politie, de brandweer, de KLJ, het Rode Kruis. Die vergadering raakte het eens over een meerdere aandachtspunten die moeten bijdragen tot een klimaat waarbij zowel de feestvierders, de organisatie, de hulpdiensten als de omwonenden zich goed moeten voelen. De meest opvallende maatregelen zijn het plaats- en/of toegangsverbod voor relschoppers bij bepaalde evenementen en de preventieve aanhouding voor hen die dit verbod niet respecteren. Dergelijke maatregelen roepen uiteraard heel wat vragen op.
Vragen.
- Gaat het Nevelse College van Burgemeester en Schepenen de aangehaalde pijnpunten (o.a. veiligheidsplan, controle alcoholgebruik minderjarigen, kledij organisatoren en hulpverleningsposten) ook toepassen op de fuiven in Nevele of is het College van mening dat de huidige maatregelen volstaan?
- Worden de aandachtspunten van deze evaluatievergadering aan de lokale organisatoren van fuiven bezorgd?
- Amokmakers zouden naar aanleiding van de rellen een plaats- en/of toegangsverbod opgelegd krijgen voor de fuiven op het grondgebied van de Lowazone, en dit voor een periode van 3 maanden.
- Op welke basis wordt deze termijn vastgelegd? Wat bij recidive? In welke mate is dit plaats- en/of toegangsverbod voor relschoppers juridisch afdwingbaar?
- Uit de formulering van het verslag blijkt dat de afdwingbaarheid enkel door politiepersoneel in dienst mag gebeuren. Dit impliceert dat de politie permanent aan de ingang aanwezig moet zijn. Is dit haalbaar?
- Wordt het plaats- en/of toegangsverbod voor relschoppers aan de omliggende politiezones doorgegeven? Worden de organisatoren van fuiven uit het omliggende hiervan op de hoogte gebracht? Wordt deze informatie ook bezorgd aan private organisatoren?
- Wordt hier gerechtelijk gevolg aan gegeven?
- Is dit recht op veilig fuiven al dan niet strijdig met het recht op privacy?
- Zo ja, welk initiatief wordt genomen om dit op wetgevend vlak te regelen?
Een eerste preventieve maatregel die ondertussen al een aantal jaren van kracht is, was het fuifcharter. Dit heeft onmiskenbaar een positieve invloed op de veilige en vlotte organisatie van fuiven. Dit is echter geen wondermiddel en kan niet alle risicofactoren uitschakelen.
Personen die met andere bedoelingen dan zich te amuseren naar fuiven afzakken, zijn jammer genoeg een realiteit. Aangezien bij een aantal jongeren de betrokkenheid bij incidenten die de openbare orde ernstig hebben verstoord, werd vastgesteld, werd hen door de korpschef als officier van bestuurlijke politie een toegangsverbod opgelegd. Dit verbod geldt voor een aantal activiteiten gespreid over een drietal maanden. Wij zijn ervan overtuigd dat het belangrijk is naar deze jongeren en hun ouders een duidelijk signaal te geven dat dergelijke daden van ordeverstoring maatschappelijk onaanvaardbaar zijn. Zonder afbreuk te doen aan de belangrijkheid van uw vragen hieromtrent, is bovenstaande een belangrijke motivatie waarom werd overgegaan tot deze maatregel.
Naast deze maatregelen die in overleg tussen de 4 gemeenten van de Lowazone zijn genomen, kan elke gemeente afzonderlijk maatregelen nemen.
Bij de organisatie van grote fuiven in onze gemeente, is er reeds jaren voorafgaandelijk de opmaak van een “veiligheidsplan”.
Naar aanleiding van de recente maatregelen, zal na een eerste evaluatie ervan door de politie en de burgemeesters initiatief genomen worden om deze maatregelen met de inrichters van fuiven in onze gemeente te bespreken.
Het antwoord van het College van Burgemeester en Schepenen is inderdaad een (uitgebreide) motivatie van één van de genomen maatregelen. Er wordt echter op geen enkele van mijn specifieke vragen hieromtrent een antwoord gegeven. Ik zal hierover dan ook uitvoerig terugkomen in de gemeenteraad van 30 maart.
2. Sociale correctie voor zieke en gehandicapte inwoners van Nevele die een aandoening hebben die extra afval veroorzaakt.
Motivering.
Bijna de helft van de Vlaamse steden en gemeenten voorziet een sociale correctie of tegemoetkoming die maakt dat mensen met een ziekte die extra afvalkosten veroorzaakt, minder of zelfs geen afvalkosten moeten betalen.
De campagne “Ziek zijn kost een zak!” van een aantal gebruikersorganisaties (Verenigingen Personen met een handicap, ALS-liga vzw, MS-liga Vlaanderen, VFG Vereniging Personen met een Handicap vzw, vzw Stomagroep Jong-Actief, vzw Marjan, Pirus vzw, Vlaams Patiëntenforum, vzw Nierpatiënten UZ Gent en GRIP vzw) wil de lokale besturen die deze correcties niet toepassen of kennen, bewust maken van de ongelijkheid die zij (bewust of onbewust) in stand houden. De organisatie wil dat alle lokale besturen in Vlaanderen inspanningen leveren om tegemoet te komen aan de extra huisvuilkosten die mensen met medische problemen hebben (mensen met incontinentieproblemen, met stoma’s, met nierdialyses, enz.).
Vraag.
· Kent de gemeente Nevele een vermindering of vrijstelling (bijvoorbeeld in de vorm van gratis huisvuilzakken of een toelage) toe aan personen die wegens hun handicap of ziekte extra afval produceren?
Tot op heden kent ons bestuur (nog) geen vermindering of vrijstelling (bijvoorbeeld in de vorm van gratis huisvuilzakken of een toelage) aan personen die wegens hun handicap of ziekte extra afval produceren.
· Zo nee, overweegt de gemeente om een dergelijke vermindering of vrijstelling toe te kennen?
Momenteel heeft de administratie nog geen weet van een beslissing om een dergelijke vermindering / vrijstelling toe te kennen.
· Weet de gemeente Nevele hoeveel personen voor dergelijke correctie in aanmerking kunnen komen?
Ons bestuur, noch het OCMW heeft geen notie van het aantal personen welke eventueel in aanmerking zouden kunnen komen voor een dergelijke vermindering / vrijstelling.
· Zo ja, hoeveel zou een mogelijke vermindering of vrijstelling kosten?
Ook hier wordt handig om de vraag heen gefietst. Ik zal dan ook hierover terugkomen in de e.v. gelmeenteraad.
Motivering.
Begin september liet de Gemeentelijke Holding weten 484 miljoen euro te willen ophalen bij haar aandeelhouders (de 600 Belgische steden en gemeenten plus de provincies). Dat geld moest dienen om de financiële positie van de Holding te versterken. Deze positie was verzwakt door een geldinjectie in Dexia. Vervolgens kwam de Gemeentelijke Holding zelf in moeilijkheden omdat al jaren Dexia-aandelen gebruikt werden als waarborg voor leningen. Die verzwakte positie kon niet langer aanhouden omdat de federale regering en de gewesten een mogelijke verlenging van de borg van 800 miljoen aan de Gemeentelijke Holding afhankelijk hadden gemaakt van een versterking.
250 van benodigde 484 miljoen euro moest komen van de verkoop van zogenaamde A-aandelen aan steden, gemeenten en provincies. Aan die A-aandelen werd een jaarlijks dividend van 13 procent verbonden. Dit dividend moest het de kopers van de aandelen mogelijk maken de aankoop te financieren via een lening. De gemeenten zaten immers vaak zelf al in slechte financiële papieren.
De operatie moest snel in zijn werk gaan en Gemeentelijke Holding zette de gemeenten stevig onder druk. Op de algemene vergadering van 30 september (de dag waarop de overheidswaarborg principieel afliep) moest de deal rond zijn en dat lukte. 246 van de 308 Vlaamse gemeenten (79,90 %) tekenden in op de A-aandelen. In Wallonië deed 82,10 % van de gemeenten mee, in Brussel deed slechts één gemeente niet mee.
Heel deze operatie leidde tot een verandering in de structuur van de Gemeentelijke Holding. Dat blijkt uit “Lokaal”, het blad van de VVSG, van 16 februari 2010. De Vlaamse provincies kregen een groter aandeel in de Gemeentelijke Holding (van 3,95 procent naar 4,34 procent). De Vlaamse gemeenten behielden 43,49 procent, waar ze voorheen 43,97 procent in handen hadden.
Of de gemeenten die intekenden op de A-aandelen verstandig hebben gehandeld, moet nog blijken. Zeker de 69 Vlaamse gemeenten die intekenden voor een hoger bedrag dan hun al bestaande aandeel (54 gingen voor het maximum, een verdubbeling van dat aandeel) zouden wel eens hun broek kunnen scheuren aan de operatie. Waar ik voor vreesde en wat mij ertoe bracht tegen te stemmen, het feit dat die 13 procent dividend een waardeloze belofte zou blijken, lijkt bewaarheid te worden. Dat vreesden eerder al een aantal steden en gemeenten zoals Gent die niet intekenden op de A-aandelen.
Het herstructureringsplan van de Europese Commissie houdt onheilspellend nieuws in. De Europese Commissie wil dat Dexia al zeker tot eind 2011 enkel aandelen als dividenden uitkeert. De Gemeentelijke Holding moet in ruil voor haar investering in Dexia gedurende minimum 2 jaar niet op geld rekenen. Dat betekent ook dat de Gemeentelijke Holding de investeerders (de lokale besturen die intekenden op de A-aandelen van de Gemeentelijke Holding) zonder geld wandelen zal sturen. De Gemeentelijke Holding kan moeilijk de beloofde 13% dividenden op haar eigen aandelen aan de gemeenten betalen als er geen dividenden van Dexia in de vorm van geld binnenkomen.
Of, zoals de Gemeentelijke Holding letterlijk op haar eigen webstek schrijft: “Het geheel van dit akkoord* en in het bijzonder de laatste beperking betreffende de wijze van uitkeren van dividenden, brengt de Gemeentelijke Holding ertoe zijn toestand en vooruitzichten te herbekijken en in het bijzonder de moeilijkheden om zelf dividenden uit te keren, zoals was vooropgesteld bij de kapitaalverhoging.De Gemeentelijke Holding vraagt daarom aan haar aandeelhouders haar de tijd te geven om dit onderzoek te doen vooraleer concreet te antwoorden op de terechte vragen”.
Vragen.
- Heeft het bestuur ter zake al vragen gesteld aan de Gemeentelijke Holding?
- Heeft het bestuur gereageerd op de mededeling van de Gemeentelijke Holding over het wellicht niet uitkeren van de dividenden?
- Welke stappen onderneemt de gemeente om de dividenden alsnog te krijgen?
- Hoe zal het bestuur de ontstane tekorten langs inkomstenzijde opvangen als de dividenden er niet komen of minder dan 13 procent bedragen?
1. Het principe van het uitkeren van dividenden blijft wel degelijk behouden.
2. Het raadslid vermeldt in de laatste paragraag van zijn vraag het woord “moeilijkheden” terwijl in het bericht staat “mogelijkheden”, ik zou dus aanraden dit bericht nog eens na te lezen met het juiste woord zodat men niet in wishful thinking vervalt.
De raad zal van het verder verloop op de hoogte worden gehouden.
· De beurskoersen van de banken zijn momenteel zeer volatiel zodat het zeer voorbarig is de afgesloten overeenkomst als positief voor Dexia te ervaren. Bovendien had Dexia in de Europese context weinig keuze, het was eerder een kwestie van te nemen of te laten, met alle mogelijke gevolgen vandien.
· Men heeft het hier over suggesties, uitspraken, hypotheses, voorbarige reacties. Wat anders is een budget dan een raming?
· De gemeente Nevele kan inderdaad niet in haar eentje (en niet in ZIJN eentje, het woord gemeente is namelijk vrouwelijk als we het dan toch hebben over taal- en schrijffouten) de beslissing van de GH beïnvloeden. Maar de gemeente kan wel een signaal geven en hoeft niet blindelings de standpunten van de GH te volgen. Ook hier kom ik op terug in de e.v. gemeenteraad.
11:10 Gepost door Olaf Evrard | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: fuifhooliganisme lowazone, sociale correctie, nevele, ziek zijn kost een zak, gemeentelijke holding, dexia, ilbert vervaeke |
Facebook |





